Wet- en regelgeving

CSRD en de schoonmaakketen: wat opdrachtgevers na de omnibus nog mogen vragen

De CSRD geldt vanaf boekjaar 2027 alleen nog voor de grootste bedrijven. Toch krijgen schoonmaakbedrijven steeds meer duurzaamheidsvragen van opdrachtgevers. Wat is verplicht, wat is begrensd, en wat leg je alvast vast?

Handen bladeren door een rapport met kleurige staafdiagrammen op een houten tafel, naast een klembord
Foto: RDNE Stock project / Pexels

De CSRD, de Europese richtlijn voor duurzaamheidsrapportage, is in 2025 en 2026 flink ingeperkt. Eerst zette de zogeheten stop-de-klok-richtlijn de rapportageplicht voor de tweede en derde groep bedrijven twee jaar stil. Daarna verkleinde de Omnibus I-richtlijn, gepubliceerd op 26 februari 2026, de groep die moet rapporteren: vanaf boekjaren die op of na 1 januari 2027 beginnen, geldt de CSRD alleen nog voor ondernemingen met gemiddeld meer dan 1.000 werknemers én minstens 450 miljoen euro netto-omzet.

Vrijwel geen schoonmaakbedrijf haalt die drempel. Toch raakt de CSRD de schoonmaakketen wel degelijk. Grote opdrachtgevers die moeten rapporteren, zijn ook verantwoordelijk voor de duurzaamheidsprestaties van hun keten, en de schoonmaak hoort daarbij. Schoonmakend Nederland constateerde in juni 2026 dat schoonmaakbedrijven steeds meer duurzaamheidsvragen krijgen. "Vaak in verschillende formats, met overlappende (maar nét andere) vragen."

Het goede nieuws: de omnibus zet een plafond op wat er gevraagd mag worden.

Wat is er precies besloten?

  • Stop-de-klok (2025). Op 14 april 2025 bereikten Parlement en Raad een akkoord over de richtlijn die de rapportageplicht uitstelt voor bedrijven die voor het eerst over boekjaar 2025 of 2026 zouden rapporteren.
  • Omnibus I (2026). Het Europees Parlement stemde op 16 december 2025 in met het akkoord, met 428 stemmen voor, 218 tegen en 17 onthoudingen. De richtlijn is op 26 februari 2026 gepubliceerd als Richtlijn (EU) 2026/470. Nederland moet de wijzigingen uiterlijk 19 maart 2027 in nationaal recht hebben verwerkt.
  • Nieuwe drempels. Meer dan 1.000 werknemers én meer dan 450 miljoen euro netto-omzet. Voor bedrijven die onder de oude CSRD al over 2024 rapporteerden maar straks buiten de nieuwe grens vallen, mogen lidstaten een vrijstelling geven voor de boekjaren 2025 en 2026. Nederland is van plan die optie te gebruiken.
  • Eenvoudigere standaarden. De ESRS worden vereenvoudigd; sectorspecifieke standaarden komen er niet. De Commissie nam op 3 juli 2026 twee gedelegeerde handelingen aan: één die de bestaande ESRS vereenvoudigt en één met vrijwillige standaarden voor bedrijven die onder het waardeketenplafond vallen.

Het waardeketenplafond: de grens aan wat gevraagd mag worden

Voor schoonmaakbedrijven is dit het belangrijkste onderdeel. In de woorden van het Parlement: "Bedrijven met minder dan duizend werknemers zullen hun grotere zakenpartners alleen informatie moeten verstrekken die onder de normen voor vrijwillige rapportering valt."

Die vrijwillige norm is de VSME, de Voluntary Sustainability Reporting Standard for non-listed SMEs. De Europese Commissie beval het gebruik ervan op 30 juli 2025 formeel aan in Aanbeveling (EU) 2025/1710. De Raad voor de Jaarverslaggeving vat de werking zo samen: bedrijven met minder dan 1.000 werknemers worden beschermd tegen overvragen, en "ondernemingen kunnen weigeren te voldoen aan een informatie-uitvraag die meer is dan de CSRD vereist".

Volgens Schoonmakend Nederland wordt de VSME doorontwikkeld tot een Voluntary Standard met een officiële juridische status. De consultatie liep van 6 mei tot en met 3 juni 2026; de branchevereniging verwachtte dat de standaard in het derde of vierde kwartaal van 2026 bruikbaar zou zijn.

Welke gegevens vragen opdrachtgevers concreet?

Ondernemersplein noemt de gegevens waar CSRD-plichtige klanten om kunnen vragen: CO2-uitstoot, materiaalgebruik en de gezondheid en veiligheid van werknemers, zoals het aantal arbeidsongevallen. Daarachter zit een lijst van negen ESG-onderwerpen, waaronder afval en circulaire economie, beloningen en arbeidsomstandigheden in de keten.

Voor een schoonmaakbedrijf komt de uitvraag in de praktijk vaak neer op:

  • Scope 1 en 2: brandstof van de bedrijfswagens en het energieverbruik van kantoor en magazijn.
  • Scope 3: de uitstoot die elders in de keten ontstaat, bijvoorbeeld bij de productie van middelen en machines. De CO2-Prestatieladder legt uit dat grote organisaties dit vanuit de CSRD in beeld moeten brengen, en dat zij die cijfers dus bij hun leveranciers ophalen.
  • Sociaal: verzuim, ongevallen, opleiding en beloning per groep medewerkers.
  • Middelen en afval: welke producten je gebruikt, met welk keurmerk, en wat er aan verpakking en afval vrijkomt.

Wie meer dan 100 werknemers heeft, moet bovendien al rapporteren over werkgebonden personenmobiliteit (WPM). Die cijfers zijn direct bruikbaar voor een klantuitvraag.

Wat betekent dit voor schoonmaakbedrijven?

De rapportageplicht ligt bij de opdrachtgever, niet bij jou. Maar wie de vragen snel kan beantwoorden, heeft bij een aanbesteding een streepje voor.

  1. Werk vanuit één standaard. Vul de VSME (of de opvolger daarvan) één keer goed in en gebruik dat als basisantwoord voor elke opdrachtgever. Zo voorkom je dat je voor elke klant een eigen lijst maakt.
  2. Ken je grens. Vraagt een opdrachtgever meer dan de vrijwillige standaard bevat, dan mag je dat verzoek weigeren. Wijs daarbij op het waardeketenplafond uit de omnibus.
  3. Verzamel wat je al hebt. Brandstofbonnen, energiefacturen, verzuimcijfers, ongevallenregistratie en de WPM-rapportage liggen er meestal al.
  4. Onderbouw je claims. Ondernemersplein wijst erop dat vanaf september 2026 nieuwe Europese regels tegen misleidende duurzaamheidsclaims gelden. Zeg alleen wat je kunt aantonen.

Meer hierover op samenwerken met opdrachtgevers.

Veelgestelde vragen

Moet een schoonmaakbedrijf zelf een CSRD-rapport maken? Nee, tenzij het meer dan 1.000 werknemers én meer dan 450 miljoen euro netto-omzet heeft. Andere bedrijven mogen vrijwillig rapporteren, bij voorkeur met de VSME.

Mag een opdrachtgever elk gewenst duurzaamheidscijfer opvragen? Nee. Sinds de omnibus geldt een waardeketenplafond: van bedrijven met minder dan 1.000 werknemers mag niet meer worden gevraagd dan wat in de vrijwillige standaard staat.

Wat is scope 3 en waarom vraagt mijn klant ernaar? Scope 3 zijn de emissies die bij andere partijen in de keten ontstaan, zoals bij de productie van de middelen die je gebruikt. Grote organisaties moeten die vanuit de CSRD in beeld brengen en halen de cijfers daarom bij leveranciers op.

Dit artikel is geen juridisch advies.

Bronnen

  1. Europees Parlement — Persbericht: Eenvoudigere duurzaamheidsrapportering en zorgvuldigheidsregels voor bedrijven (16 december 2025)
  2. Europese Commissie — Corporate sustainability reporting, beleidstijdlijn (bijgewerkt 3 juli 2026)
  3. Raad voor de Jaarverslaggeving — Publicatie wijzigingen CSRD in Europese Publicatieblad (3 maart 2026)
  4. SER — CSRD, ESRS, VSME: EU-duurzaamheidsrapportage (2026)
  5. Ondernemersplein — CSRD voor mkb-bedrijven: dit moet u weten (2026)
  6. Schoonmakend Nederland — Nieuwe vrijwillige standaard voor mkb-duurzaamheidsrapportages (17 juni 2026)
  7. CO2-Prestatieladder — Aan de slag met uw scope 3-emissies: drie praktische stappen

CleanTomorrow is een onafhankelijk platform over digitalisering in de schoonmaak, mogelijk gemaakt door partners uit de branche.

Maak kennis met de partners

Meer lezen